#3 Het hoort bij de leeftijd mevrouw

De eerste keer dat ik serieus geconfronteerd werd met mijn ouder wordende lichaam was tien jaar geleden toen ik na jaren sukkelen met rode en droge ogen bij de oogarts terecht kwam. Een meiboomklier verstopping die nooit meer over gaat was het oordeel. ‘Het hoort bij de leeftijd mevrouw’ zei de arts. Met andere woorden: leer er maar mee leven. Hij rolde zijn stoel achteruit en deed zijn bril af.

Hoe zo ‘het hoort bij de leeftijd’. Rode ogen? Dat je meiboomklier het begeeft? Kan die niet gerepareerd worden dan? Of zijn er geen verzachtende middeltjes? Ik wist dat je huid droger wordt, je ogen en je vagina. Moeten we dan domweg met die ongemakken leren leven? Voor mijn vagina zijn er glijmiddelen en een aandacht volle geliefde. Voor de huid is er al jaren Oil of Olaz of ander spul. Hoe zit het dan met mijn ogen? Moet ik me er zo maar bij neerleggen? “Schoonmaken met een wattenstaafje met babyshampoo en zorgen voor voldoende buitenlucht, mevrouw. Meer kunnen we er niet aan doen.” De dokter liep naar de deur.

Ik kon het niet accepteren. Die rode ogen zien er onprofessioneel uit, vermoeid en branderig. Niet helemaal de situatie meester. Het lijkt zo wel of ik mijn werk niet aankan. Ik ging bij een alternatieve therapeut te rade. Die constateerde een algeheel gebrek aan stroming van de energie. Hij prevelde iets met nummers en getallen en kwam zo uit bij bepaalde druppeltjes, die ik moest innemen. Niet in mijn ogen smeren nee. Ik had genoten van de seance, maar de druppels hielpen geen snars. En de babyshampoo maakte het alleen maar erger, zo gevoelig waren mijn ogen inmiddels geworden.

Na nog een mislukte Ayurvedische behandeling met warme ghee pads op mijn ogen, zat ik binnen het jaar weer bij dezelfde oogarts: was er dan echt niets aan te doen? Nee mevrouw, het hoort bij de leeftijd, u zult er echt mee moeten leren leven was het besliste antwoord.

Ik heb me er inmiddels bij neergelegd dat ik nooit meer make up op kan, dat ik altijd een zonnebril bij de hand moet hebben omdat de schittering van de zon zo zeer doet en mijn ogen in echte duivelsogen doet veranderen, alsof ik de hele dag met open ogen in een chloorzwembad heb gezwommen. Ik leerde leven met opmerkingen of vragen als: heb je het druk? Wat is er met je ogen? Niets, was steevast mijn antwoord.  Het hoort gewoon bij de leeftijd. Niets aan te doen, niet zeuren, jammer dan.

In Neelie Kroes herkende ik een lotgenoot, toen ik haar met rooddoorlopen ogen op televisie zag. Later las ik in een interview met haar dat een ooglidcorrectie verkeerd had uitgepakt, waardoor ze de oogleden niet goed kan sluiten. Ze zei dat het haar zelf niet zo stoorde en dat mensen er maar niet op moesten letten. Zo is het. Het hoort bij ons menszijn dat we vlekken hebben, flaporen en rimpels.

In de media zien we gelukkig een steeds diverser beeld van vrouwen die wat te melden hebben: Jong, oud, dik, dun, donker, licht, met of zonder wallen, rimpels etc. Van Marion Koopman, de virologe die in periodes dagelijks als expert op televisie verscheen, met haar door de tijd gerimpelde huid, jeugdig grijs kapsel en heldere uitleg in een Limburgse tongval word ik bijvoorbeeld blij. Gewoon een expert, die toevallig vrouw is en toevallig boven de zestig. Die kunnen er zo uitzien, heel normaal.

Toch zit de botte mededeling van de oogarts 10 jaar geleden me nog steeds dwars. Kon het niet met wat meer compassie en begeleiding? Bijvoorbeeld zoals de mondhygiëniste mij helpt om mijn tandvlees millimeter voor millimeter op orde te brengen. Supergeduldig legt ze me uit waar ik op moet letten, wat ik zelf kan doen, waarom het belangrijk is mijn tandvlees goed te masseren omdat met het ouder worden het zich terugtrekt en de tandwortel bloot komt te liggen. Begrijpelijk en logisch uitgelegd. Ik rag trouw met verschillende borsteltjes tussen mijn tanden om ze mooi schoon te houden. De verkleuring neem ik op de koop toe.

Ik kan oprecht prima leven met de andere kwalen (gesprongen aderen, knokkelvoet, rimpels!). Ze horen erbij en ik ben super dankbaar voor mijn gezonde en sterke lichaam dat al bijna 60 jaar zo trouw haar werk doet. Met plezier zorg ik daar een beetje extra voor en houd ik mijzelf in goede conditie. Ook al merk ik de veranderingen: herstel duurt langer, mijn coördinatie op de fiets is niet meer zo rap. Ik kan er wel degelijk melancholisch over worden, maar niet boos of verdrietig.

Waarom stoort die ene feitelijke constatering over mijn meiboomklier me nou toch zo? Ben ik  in het rouwproces blijven hangen over de eerste echte ouderdomskwaal waar ik mee geconfronteerd werd? Mijn oprechte antwoord na weer een rondje introspectie is: nee. Het zit ‘m in de formulering: het hoort bij de leeftijd mevrouw! Wie bepaalt hier eigenlijk wat hoort? En als het bij de leeftijd hoort, moet je je dan maar vast voegen in de rij op weg naar de uitgang? Waarom kunnen we niet omgaan met dit soort kwaaltjes zoals de mondhygiëniste dat doet: helpen met de beste zorg bieden? Het klonk zo afgedankt en afgedaan. Dat steekt me nu nog steeds.

Natuurlijk kan ik mezelf bij de lurven pakken en zeggen dat ik mij niet zo moet aanstellen. Er zijn zoveel ergere dingen in de wereld. En toch: ergens zegt mijn gut feeling dat er iets van achteloosheid zit in deze manier van omgaan met kwalen van de ouder wordende vrouw die kwalijk is voor de maatschappij, omdat het een hele groep mensen veronachtzaamt. Er is niet eens een woord voor: het is geen leeftijdsdiscriminatie, geen seksisme, het is ongeïnteresseerdheid . En het dringt bij mij ook pas 10 jaar later door. Ik had me al weer braaf (doch mokkend) geschikt. En dus accepteren dat je nog veertig jaar van je leven ergens last van gaat hebben? Het is normaal, want het hoort immers bij de leeftijd. Nou nee dus. Werk aan de winkel. Niet om ouderdomsproblemen te fixen. Maar om een oprechte aandachtvolle verzorging te vinden, zoals mijn heldin Gül, de mondhygiëniste, dat doet.

3 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *